Loading Events

Onder de huid’ neemt de bezoeker mee in de wereld van de Franse kunstenaar, schrijver en activist Claude Cahun. Kunsthal Rotterdam presenteert ruim zestig foto’s, fotomontages, publicaties en archiefmateriaal van deze veelzijdige kunstenaar. Het vooruitstrevende werk van Cahun is lange tijd onopgemerkt gebleven door het brede publiek, maar voor gerenommeerde fotografen als Cindy Sherman en Nan Goldin, evenals voor David Bowie, is zij een grote inspiratiebron.

Belangrijke thema’s uit het roerige leven van Cahun vormen de rode draad door de tentoonstelling: het verkennen van verschillende (gender)rollen en identiteiten, haar betrokkenheid bij de Parijse avant-garde en experimentele theatergroepen, het verzetswerk tijdens de Tweede Wereldoorlog en Cahuns uitgesproken ideeën over de wereld om haar heen. Het grootste deel van de foto’s in de tentoonstelling zijn met hedendaagse technieken uitvergroot afgedrukt om Cahuns theatrale en indringende werk nóg dichterbij het publiek te brengen.

Claude Cahun (1894-1954) wordt geboren als Lucy Schwob, maar verandert haar naam rond haar twintigste in een pseudoniem dat we tegenwoordig als genderneutraal zouden omschrijven. Zelf schrijft ze: “Mannelijk? Vrouwelijk? Dat hangt af van de situatie. Neuter is het enige gender dat altijd bij me past.” In haar* zelfportretten onderzoekt Cahun uiteenlopende (gender)rollen, seksualiteiten en identiteiten; een thema dat vandaag de dag nog steeds zeer actueel is. In vroege foto’s zien we Cahun afgebeeld met kaalgeschoren hoofd en in herenkleding. Cahun gebruikt haar eigen evenbeeld om zichzelf telkens opnieuw uit te vinden en aannames rondom identiteit te ontmantelen. Op vijftienjarige leeftijd ontmoet ze haar levenspartner Marcel Moore, voorheen Suzanne Malherbe, met wie Cahun intensief samenwerkt.

ONDER DIT MASKER ZIT NOG EEN MASKER
Cahuns deelname als acteur bij verschillende Parijse avant-garde theatergroepen in de jaren twintig is van grote invloed op haar werk. De personages die ze speelt, gebruikt Cahun regelmatig als uitgangspunt voor haar zelfportretten. In geënsceneerde situaties – gebruikmakend van attributen uit het theater als make-up, kostuums en gedrapeerde gordijnen – neemt Cahun de rol aan van wereldse dandy, boeddha, matroos, man, vrouw, androgyn en alles daar tussenin. Zo zien we haar in het werk ‘I am in training don’t kiss me’ (1927) gekleed als bodybuilder met mannelijke en vrouwelijke kenmerken. Het lichtgekleurde, met tepels beschilderde hemd dat ze draagt, is een parodie op het typische mannelijke beeld van bodybuilder. De titeltekst op haar borst spot met de kijker die tegelijkertijd wordt verleid door haar geverfde lippen en hartjes op de wangen. Telkens vanuit een andere rol stelt Cahun de vraag of het mogelijk is om je authentieke zelf te zijn of dat onze identiteit gevormd wordt door de maatschappij. Vooral het gebruik van verschillende maskers valt op. Deze symboliseren de manier waarop wij onszelf tonen aan de buitenwereld. In 1930 schrijft Cahun hierover: “Onder dit masker zit nog een masker. Ik blijf mezelf ontdoen van deze gezichten.”

SURREALISME EN ACTIVISME
Cahun is in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw nauw betrokken bij het opkomende surrealisme. Niet alleen is ze goed bevriend met enkele hoofdfiguren van de stroming, haar werk uit deze tijd laat duidelijk invloeden zien. Samen met Moore maakt Cahun in deze tijd de publicatie ‘Aveux non Avenus’, wat je zou kunnen omschrijven als een anti-autobiografie. Verschillende teksten als brieven, gedichten, fabels en uitgeschreven gesprekken en dromen worden afgewisseld met fotomontages en assemblages. Deze werken, waarvan enkele in de tentoonstelling zijn te zien, brengen alledaagse objecten op een vervreemdende manier bij elkaar. Cahuns artistieke ontwikkeling gaat samen met het steeds openlijker uiten van haar politieke standpunten. Haar teksten en foto’s in deze tijd zijn een reactie op het opkomende nationalisme en antisemitisme.

POËTISCH VERZET
Wanneer Claude Cahun en Marcel Moore in 1937 naar Jersey vluchten voor het opkomende fascisme in Europa, zetten ze aldaar hun fotografische experimenten voort. In 1940 worden ze alsnog ingehaald door de dreiging en vallen de nazi’s het Kanaaleiland binnen. Het paar neemt bewust het besluit op Jersey te blijven om verzet te kunnen plegen. Waar Cahun eerst vooral via de kunsten haar activisme uitdrukt, brengt ze het nu ook in de praktijk. Weliswaar op poëtische en subtiele wijze: Cahun en Moore verspreiden mysterieuze anti-naziteksten en pamfletten aan Duitse soldaten om ze zo te ontmoedigen. Fotografie en archiefmateriaal uit deze periode zijn te zien in de tentoonstelling.

CONFESSIONS TO THE MIRROR
Als aanvulling op Cahuns werken is in ‘Onder de huid’ het videowerk ‘Confessions to the mirror’ (2016, 68 min) van kunstenaar en experimenteel filmmaker Sarah Pucill te zien. In dit sluitstuk van de tentoonstelling komen de foto’s van Cahun tot leven. De film is gebaseerd op Cahuns onvoltooide autobiografie ‘Confidences au miroir’ (1945-1954).

*ZIJ/HAAR
Zoals onder andere te zien in Cahuns zelfportretten is identiteit en gender voor haar onstabiel en ambigue. Ze daagt ons uit om hier op een andere manier naar te kijken. In onze tijd zouden we Cahun wellicht als non-binair kunnen zien. Uit Cahuns teksten blijkt echter niet dat ze een voorkeur had voor andere voornaamwoorden dan ‘zij’ of ‘haar’. Daarom kiest de Kunsthal ervoor om naar Cahun te verwijzen met vrouwelijke voornaamwoorden.

Share This Story, Choose Your Platform!